Handblad
'We zouden wat meer mogen buitenkomen'
Brecht Provoost (27) een actief iemand noemen, is een understatement. Al vrij vroeg was hij voorzitter van Jong KVG (nu JKVG). Daarna ging hij aan de slag bij de werkbank van JKVG als beleidsmedewerker tewerkstelling personen met een handicap. In Leuven is hij sinds de vorige legislatuur actief in de werkgroep toegankelijkheid en is hij voorzitter van diezelfde werkgroep. Een voorbeeld voor de participerende medemens dus.
'Je rolt erin', zegt Brecht zelf. 'Bij de reizen van Jong-KVG was ik eerst deelnemer - ik ben rolstoelgebruiker - dan vakantieverantwoordelijke en lid van de raad van beheer en ten slotte voorzitter. Wat de Werkgroep Toegankelijkheid betreft: Ik heb rechten gestudeerd in Leuven en ben hier zoals vele studenten blijven hangen. Deelnemen aan de werkgroep was voor een stuk eigenbelang: als je hier toch woont, kun je er evengoed voor helpen zorgen dat de toegankelijkheid van de stad verbetert.'
Natuurlijke reflex
Die toegankelijkheid is de jongste jaren inderdaad verbeterd, vindt Brecht. 'Er zijn in Leuven de laatste tijd heel wat grote infrastructuurwerken gebeurd en de stad heeft nu de natuurlijke reflex gekweeekt om ons daarbij te betrekken. De samenwerking is echt vlot. Dat is gegroeid: het duurt een tijdje vooraleer mensen elkaar gaan vertrouwen. In ons geval zal het in elk geval geholpen hebben dat we ons niet als een echte lobbygroep opstellen. We trekken niet onmiddelijk alle registers open om te protesteren dat iets niet in orde is - wat in sommige gevallen gemakkelijk zou kunnen. Nee, we stellen ons constructief op en leggen niet op alle slakken zout. Dan wordt er ook geluisterd op het moment dat je wél protesteert.'
De werkgroep Toegankelijkheid telt heel wat ervaringsdeskundigen met een handicap. 'Dat maakt het interessant. Mensen zijn geneigd om alleen hun eigen problemen te zien, maar door de confrontatie met met de vele andere handicaps en de specifieke problemen daarvan, ga je meer aan het algemeen belang denken. Gebouwen moeten toegankelijk zijn voor alle personen met een handicap, ook voor blinden bijvoorbeeld. Darom zijn onze screenings ook zo belangrijk: de kleur van een muur staat niet aangegeven op een plan, maar voor slechtzienden zijn heldere kleuren cruciaal. en ervaringsdeskundigen zijn minstens evengoed geplaatst als gewone deskundigen om dergelijke zaken te signaleren.'
Zichtbaarder worden
Is er op het openbaar vervoer domein veel veranderd, dan is het droeviger gesteld met de situatie in de winkels. 'Sommige winkels doen het goed maar de meeste zijn werkelijk niet toegankelijk. Ze zijn dat ook niet verplicht, maar klantvriendelijk is anders. Als incentive betaalt de stad leuven nu de helft van het bedrag terug als ze toegankelijkheidsadvies inwinnen bij hun verbouwingen.'
Dat winkels zo weinig rekening houden met de toegankelijkheid, ligt voor een deel aan de geringe zichtbaarheid van personen met een handicap in de maatschappij, met andere woorden: een gebrek aan participatie. Gedeeltelijk is dat de schuld van de maatschappij zelf en de drempels die nog altijd worden opgeworpen voor mensen die anders zijn.
Maar ook mensen met een handicap mogen wel wat meer naar buiten komen', vindt Brecht. 'Het is een vicieuze cirkel natuurlijk: zolang we thuis blijven zitten, zijn we niet zichtbaar. En als er dan eens iemand naar buiten komt, gaan veel mensen daar onwennig mee om want ze zijn het niet gewoon. Waardoor veel mensen met een handicap weinig zin hebben om naar buiten te komen. Allemaal begrijpelijk, maar het is een cirkel die dringend moet worden doorbroken.'