Handblad
Wat mag en wat niet? Regels voor betalingen en supplementen in voorzieningen
Regels voor betalingen en supplementen in voorzieningen
Over betalingen in instellingen en voorzieningen worden vaak vragen gesteld. De regeling is dan ook behoorlijk ingewikkeld, en geen tien handbladen zouden volstaan om alles bevattelijk uit te leggen. Maar we geven alvast een korte leidraad met enkele duidelijke regels.
De financiële bijdrage
Het Vlaams Fonds subsidieert voorzieningen voor de opvang en begeleiding van personen met een handicap. Die subsidie dekt het grootste deel van de kosten voor het verblijf, het personeel en de infrastructuur. De gebruiker van de voorziening betaalt een financiële bijdrage, soms ook wel ’dagprijs’ genoemd, voor elke dag dat hij of zij van de voorziening gebruik maakt.
Hoe hoog die bijdrage is, hangt sterk af van uw situatie. Zelfs het begrip ’dag’ is niet overal hetzelfde. In een internaat of tehuis telt een dag 12 uren, een semiinternaat voor schoolgaanden heeft een dag van 4 uren en in een dagcentrum of semi-internaat voor niet-schoolgaanden telt een dag 6 uren.
Voor wie jonger is dan 21 jaar bedraagt de bijdrage in een internaat 13,67 euro per dag. Soms wordt de bijdrage beperkt tot de kinderbijslag of een gedeelte daarvan. Ze mag echter niet lager liggen dan 5,86 euro per dag. In een semi-internaat voor schoolgaanden is de bijdrage 4,31 euro en in een semi-internaat voor niet-schoolgaanden 9,78 euro per dag.
Voor wie ouder is dan 21 jaar is de bijdrage in een tehuis 27,36 euro per dag. Bij opname in een dagcentrum bedraagt de bijdrage 7,81 euro voor een dag zonder vervoer en 9,78 euro voor een dag met vervoer. Voor plaatsing in een pleeggezin wordt een bijdrage gevraagd van 15,09 euro per dag. Wie ouder is dan 21 jaar moet echter altijd een gewaarborgd persoonlijk inkomen overhouden. Afhankelijk van de situatie is dat tenminste 156,37 euro, 293,20 euro of een derde van het arbeidsinkomen.
Erg ingewikkeld allemaal, maar zo zit het leven nu eenmaal in elkaar. Het is uw voorziening die op basis van de bovenstaande gegevens uw financiële bijdrage berekent.
De supplementen
Veel voorzieningen vragen de persoon met een handicap boven op de financiële bijdrage een aantal supplementen. Een voorziening beslist in grote mate zelf over die supplementen. Maar er is wel een aantal regels die nooit mogen worden overtreden.
Forfaitaire supplementen mogen niet. De instelling mag wel een supplement aanrekenen, maar dat moet gestaafd worden door individueel aanwijsbare uitgaven van de persoon met een handicap. Het supplement mag dus geen forfaitair bedrag zijn en het mag niet zomaar uit de lucht komen vallen: de extra kosten moeten bewijsbaar zijn.
Sommige uitgaven kunnen nooit worden aangerekend. Een instelling mag nooit supplementen aanrekenen voor administratie-, energie- en infrastructuurkosten, kosten voor atelierwerking of aan de voorziening gebonden taksen en belastingen.
Elke uitgave die hoger ligt dan het maandinkomen van de persoon met een handicap mag alleen worden aangerekend in overleg met de persoon zelf, of zijn of haar familie.
Bijdragen voor solidariteitsfondsen kunnen nooit worden verplicht.
Deze regels moeten altijd worden gevolgd, zelfs als de gebruikersraad ermee akkoord gaat om ervan af te wijken. Maar natuurlijk moet een instelling altijd overleg plegen met de gebruikersraad als ze van plan is om supplementen aan te rekenen. Supplementen moeten ook vermeld worden in het protocol van verblijf (verblijfsovereenkomst).
De factuur
Meestal betaalt u de dagprijs en de supplementen rechtstreeks aan de voorziening. Uiteraard hebt u recht op een factuur. Het Vlaams Fonds beveelt aan dat de voorziening u minstens eenmaal per kwartaal een factuur bezorgt, maar maandelijks mag natuurlijk ook.
In de ene voorziening is de factuur al duidelijker dan de andere. Maar een minimum is toch dat de factuur vermeldt voor hoeveel dagen aanwezigheid u moet betalen en waarvoor er nog andere bijdragen aangerekend worden. Een apart, gedetailleerd overzicht van de extra kosten is aan te raden, zodat u goed kunt controleren of de rekening klopt.
Als u vindt dat een driemaandelijkse afrekening niet volstaat of dat de afrekening niet duidelijk genoeg is, kunt u dat melden aan de gebruikersraad. Die kan dan een advies formuleren en het bezorgen aan de directie of de raad van beheer van de voorziening.