Handblad
Inclusie? Ja!
'Wij pleiten voor een ondersteuningsbudget'
Jolien (9), de dochter van Rita Van der Spiegel, heeft een meervoudige handicap: ze isrolstoelgebruiker, heeft een mentale handicap en kan niet praten. Toch volgtze les in een gewoon klasje, in een gewone school. En dat heeft succes, zegt haar moeder: ’Ze kan veel meer dan in de tijd dat ze in het bijzonder onderwijs zat. Ik ben ervan overtuigd dat inclusief onderwijs ook voor veel andere kinderen de beste oplossing is. Alleen: zoals de zaken nu staan, is inclusie alleen weggelegd voor dehappy few.’
Rita is lid van de vzw Ouders voor Inclusie, die drie jaar geleden is opgericht. ’Intussen zijn al 250 gezinnen lid. Er is dus duidelijk vraag naar inclusief onderwijs. En het is perfect mogelijk om zelfs kinderen met een zware handicap in de gewone school les te laten volgen. Maar dan moet er natuurlijk wel voldoende ondersteuning zijn en elke school moet bereid zijn om zijn poorten open te stellen. Als elke school zijn deel zou doen, zou je de last veel gelijker verdelen.’
Zelf heeft ze geluk gehad, vindt Rita. ’We hebben heb een persoonlijkeassistentiebudget gekregen zodat Jolien nu elke dag in de klas kan worden bijgestaan door haar persoonlijke assistent. Maar er zijn veel mensen die geen PAB hebben of die de regels niet goed kennen. Die zijn vaak gedwongen om hun kind naar het bijzonder onderwijs te sturen. Vandaar ook het beeld dat inclusief onderwijs alleen weggelegd is voor mondige, assertieve ouders die genoeg geld hebben. Inclusie is nu nog pionierswerk. Je staat er grotendeels alleen voor.’
Dalend klasniveau?
Veel scholen staan duidelijk nog huiverig tegenover inclusief onderwijs, heeft Rita gemerkt. ’Vaak uit vooroordeel, of omdat de leraars bang zijn van pottenkijkers in hun klas. Het argument dat dan telkens op tafel wordt gegooid, is dat het klasniveau zou dalen. Dat argument wordt volgehouden tot in het absurde. Laatst is nog iemand geweigerd die met haar eigen laptop en een fulltime universitair geschoolde orthopedagoog naar de klas kon komen. Meer begeleiding kun je nauwelijks hebben. En nóg zou het klasniveau eronder lijden? Nee, waar het vaak op neerkomt is dat de school bang is.’
’Volgens mij zullen de meeste scholen pas echt werk maken van inclusief onderwijs als ze er geld voor krijgen. Daarom pleiten we al lang voor een budget voor elk kind met behoefte aan ondersteuning: elk kind krijgt een bepaalde som en kan daarmee ondersteuning betalen die het nodig heeft. Dan is inclusie geen uitzonderingsgeval meer en hoeven scholen niet langer bang te zijn dat hun draagkracht overschreden wordt. Want momenteel gebeurt het vaak dat een school eraan begint en jaar na jaar evalueert of het zo verder kan. Ik begrijp dat, maar zo hangt de toekomst van je kind wel af van de goodwill van één leraar. Eigenlijk zou een school moeten zeggen: we doen het, en als er problemen zijn zoeken we naar een oplossing.’
Vrije keuze
’Dit is trouwens geen pleidooi tegen buitengewoon onderwijs, zoals het zo vaak wordt voorgesteld. Ik twijfel er niet aan dat er in het bijzonder onderwijs goede scholen zijn, en er zijn ook heel wat mensen die liever hebben dat hun kind naar het buitengewoon onderwijs gaat. Voor mij is dat OK, ze mogen daar gerust voor kiezen - als wij dan mogen kiezen voor inclusief onderwijs, mét voldoende ondersteuning. En die vrije keuze is er vandaag de dag nog niet.’
De website van de vzw Ouders voor Inclusie is te vinden op www.oudersvoorinclusie.be.