Handblad
Hoe wordt het straks?
Als alles goed gaat komt er in maart een vrijwilligersstatuut
Op het ogenblik dat we dit schrijven, is het wetsvoorstel voor het vrijwilligersstatuut pas ingediend en moet het nog een hele weg doorlopen voor het uiteindelijk in het staatsblad zal verschijnen. Er kunnen dus enventueel nog veranderingen in worden aangebracht, maar dit zijn in elke geval de kernpunten.
De aansprakelijkheid voor ongevallen ligt vanaf nu duidelijk bij de organisatie en niet bij de vrijwilliger. Als u met een rolstoelgebruiker op stap gaat en een ongeval krijgt, kunt u niet worden vervolgd tenzij u een zware fout hebt gemaakt, omdat u bvb. dronken was.
Belastingen en sociale zekerheid: de huidige regeling blijft bestaan maar wordt nu wettelijk verankerd. Dat verhoogt de rechtzekerheid: de regels kunnen niet meer worden terggeschroefd.
Werklozen moeten alleen nog melden dat ze vrijwilligerswerk doen. Ze moeten geen toelating meer krijgen. Als de directeur van het werkloosheidsbureau vindt dat de werkloze door het vrijwilligerswerk niet langer beschikbaar is voor de arbeidsmarkt, moet hij of zij dat zelf bewijzen. Ook bruggepensioneerden, bestaansminimumtrekkers en arbeidsongeschikten mogen, als ze dat melden, actief zijn als vrijwilliger. Gepensioneerden hebben niet langer meer een meldingsplicht.
Kosten bewijzen gaat ongeveer op dezelfde manier als in de huidige regeling, met één verschil: het wordt mogelijk om alle kosten te bewijzen behalve reis- en verplaatsingskosten, waarvoor dan een forfait mag worden aangerekend.
Minder beperkingen. Tot slot laat de wet ook enkele beperkingen verdwijnen die in een vrijwilligerscontext sowieso weinig zin hadden. Zo wordt het verbod op zondagwerk afgeschaft.