Begeleidende COVID-19-maatregelen voor PVB- en PAB-budgethouders

De maatregelen die de overheid vanaf maart 2020 nam ter bestrijding van COVID-19, hebben een belangrijke impact op de manier waarop de zorg, ondersteuning en assistentie van personen met een handicap wordt georganiseerd.

Sinds 15 juni 2020 werden die maatregelen geleidelijk aan afgebouwd en werd meer en meer overgestapt naar een fase van ‘het nieuwe normaal’. De heropflakkering van het virus en de aangepaste maatregelen die de Nationale Veiligheidsraad nam ter bestrijding ervan, hebben op hun beurt geleid tot een meer lokale aansturing zodat meer gericht kan ingespeeld worden op de plaatselijke situatie.

Wat al die maatregelen en de bijsturingen ervan precies betekenen voor uw zorg en ondersteuning, vindt u op www.vaph.be/maatregelen-coronavirus/personen-met-handicap.

Eerder nam de Vlaamse Regering een aantal begeleidende maatregelen om de financiële impact voor budgethouders te beperken. Die maatregelen werden verder geconcretiseerd in ministeriële besluiten.

Momenteel is er een bijkomend ministerieel besluit voorbereid dat nog goedgekeurd moet worden. Dat ministerieel besluit bepaalt zowel de verhoging van het percentage van de budgetoverschrijding als de datum tot wanneer er prestaties geleverd kunnen worden voor cashovereenkomsten afgesloten omwille van de coronacrisis.

Het nieuwe ministerieel besluit leidt tot enkele aanpassingen in de begeleidende maatregelen voor gebruikers met betrekking tot COVID-19.

De financiële compensatie voor budgethouders die thuis extra ondersteuning organiseren tijdens de periode COVID-19, wordt verhoogd naar maximaal 25,5 %.

Als een houder van een persoonsvolgend budget of persoonlijke-assistentiebudget gedurende de COVID-19-periode extra kosten maakt om de zorg en ondersteuning thuis te organiseren, dan kan hij een financiële compensatie krijgen. 

De budgethouder mag dan zijn jaarbudget (PAB of PVB) overschrijden als het budget ontoereikend is om de kosten van extra overeenkomsten gedurende de COVID-19-periode te betalen. Het jaarbudget (PAB of PVB) mag tot maximaal 25,5 % overschreden worden (eerder was dat 17 %). 

In het kader van de maatregelen COVID-19 kunnen cashovereenkomsten worden afgesloten waarbij wordt voorzien in het verlenen van zorg en ondersteuning in een een-op-eenrelatie met de persoon met een handicap zoals vermeld in het BVR besteden volgens artikel 7,2°. In de bestedingsregels vindt u een overzicht van de mogelijke overeenkomsten.
Zo zijn onder andere onderstaande overeenkomsten toegelaten:

  • een overeenkomst met een dienst zoals thuiszorg
  • een overeenkomst met een vergunde zorgaanbieder voor:
    • het bieden van zorg en ondersteuning in een een-op-eenrelatie als u met die vergunde zorgaanbieder nog geen lopende dienstverleningsovereenkomst (IDO) hebt
    • een uitbreiding van uw lopende dienstverleningsovereenkomst (IDO) met uw vergunde zorgaanbieder voor zorg en ondersteuning in een-op-eenrelatie als die al individuele ondersteuning in een een-op-eenrelatie voorzag
  • een overeenkomst voor alternatieve vervoersoplossingen
  • een overeenkomst voor intensieve bijstand met een bijstandsorganisatie

De periode COVID-19 eindigt op 31 december 2020.

De einddatum voor de periode waarbinnen deze begeleidende maatregelen van toepassing zijn, werd bepaald op 31 december 2020.

Dat betekent voor u het volgende:

  • Individuele dienstverleningsovereenkomst:
    • Uw individuele dienstverleningsovereenkomst (IDO) blijft doorlopen tot en met 30 september 2020, ongeacht de ondersteuning die feitelijk wordt geboden; vanaf 1 oktober 2020 kunt u de IDO opnieuw wijzigen. 
    • Wilt u uw IDO wijzigen, dan kunt u uw IDO opzeggen vanaf 1 juli 2020 (start van de opzegperiode); de huidige IDO kan pas worden beëindigd op 30 september 2020.
  • Aanrekenen meerkosten voor zorg, en woon- en leefkosten:
    • Er kunnen geen meerkosten voor zorg en ondersteuning worden aangerekend tot en met 30 september 2020; vanaf 1 oktober 2020 worden de kosten conform de IDO aangerekend.
    • Woon- en leefkosten worden tot en met 30 september 2020 aangerekend op basis van feitelijk gebruik; vanaf 1 oktober 2020 worden woon- en leefkosten aangerekend overeenkomstig de IDO.
  • Financiële compensatie voor extra ondersteuning in de thuissituatie (op basis van een COVID-19-overeenkomst)
    • COVID-19-overeenkomsten voor extra ondersteuning in de thuissituatie worden aanvaard voor zover deze overeenkomsten binnen de periode van 14 maart tot en met 31 december 2020 vallen.
    • Kosten die worden gemaakt op basis van die overeenkomsten kunnen, zoals altijd volgens de gewone procedure worden ingediend tot en met 1 maart 2021.

Enkele concreet uitgewerkte situaties

Hieronder vindt u een aantal concreet uitgewerkte situaties. Als uw situatie anders is of als u vragen heeft, neem dan contact op met het VAPH via budgetbesteding@vaph.be of op het nummer 02 249 30 00.

Ik heb een PVB en besteed mijn budget volledig in voucher. Tijdens de COVID-19-periode ben ik thuis of wordt mijn individuele dienstverleningsovereenkomst nog niet opnieuw volledig uitgevoerd en ik heb nu extra kosten. Wat moet ik doen?

Als u uw PVB volledig besteedt in voucher en nu ondersteuning thuis georganiseerd hebt in uw thuissituatie en daarvoor overeenkomsten hebt gesloten, kunt u onderstaande stappen zetten:

U bezorgt ons de gegevens van uw rekeningnummer via het formulier ‘Melding van wijzigingen in verband met het persoonsvolgend budget’. U kunt dat formulier ook opladen via mijnvaph.be

Via het formulier ‘Een overeenkomst registreren voor de besteding van uw persoonsvolgend budget in cash’ bezorgt u ons de gegevens van uw cashovereenkomst. De verschillende overeenkomsten die toegelaten zijn, vindt u in de bestedingsregels voor persoonsvolgende budgetten.
In het kader van COVID-19 worden alleen overeenkomsten aanvaard waarbij wordt voorzien in het verlenen van zorg en ondersteuning in een een-op-een-relatie met de persoon met een handicap of aan verschillende personen met een handicap die op hetzelfde adres wonen en tot hetzelfde gezin behoren, zoals voorzien in artikel 7, 2°, van het besluit van 24 juni 2016 over de besteding van persoonsvolgende budgetten, met inbegrip van overeenkomsten voor intensieve bijstand met een bijstandsorganisatie.
U vermeldt daarbij dat het een overeenkomst is die u sloot in het kader van COVID-19. U kunt dat noteren bij de taakomschrijving.
U bezorgt het formulier via mail of post of u laadt het op via mijnvaph.be / documenten.

Na goedkeuring van de overeenkomst dient u uw kosten in via mijnvaph.be of bezorgt u een overzicht van uw facturen aan het VAPH via het formulier ‘Kostenstaat voor het persoonsvolgend budget’.

U betaalt uw zorgaanbieders via uw rekening.

Het VAPH betaalt uw kosten terug via uw rekening, tot maximaal 25,5 % van uw jaarbudget (voor het persoonsvolgend budget is dat inclusief beheerskosten) als uw budget ontoereikend is, en dat enkel en alleen voor de kosten die betrekking hebben op de overeenkomsten in het kader van extra ondersteuning tijdens de COVID-19-periode.

U houdt uw overeenkomsten, facturen, rekeninguittreksels of bewijsstukken bij voor een eventuele controle van het VAPH.

Alleen op basis van geregistreerde overeenkomsten en ingediende kosten, die betrekking hebben op de periode van 14 maart tot en met 31 december 2020 en met vermelding ' COVID-19, zullen wij een budgetverhoging toelaten. 

Als u al een budgetverhoging had van 17 %, dan wordt die automatisch opgetrokken tot maximaal 25,5 % na goedkeuring van bovenvermelde ministeriële besluiten. Die 25,5% wordt berekend op het budget dat u had op 23 april 2020. De verhoging zal in het PAB- of PVB-overzicht in mijnvaph.be zichtbaar zijn. Het totaalbedrag van uw budgetlijn is uw jaarbudget inclusief de COVID-19-verhoging.

Ter herinnering: U mag uw budget alleen overschrijden voor COVID-19--gerelateerde kosten, dus kosten die voortvloeien uit COVID-19-overeenkomsten. Het VAPH zal daarom nagaan of een overschrijding van het normale jaarbudget wel degelijk te wijten is aan kosten omwille van COVID-19. Als dat niet het geval is, zullen de uitbetalingen van de budgetoverschrijding teruggevorderd worden.

Als het registreren van cashovereenkomsten nieuw voor u is, dan kunt u terecht bij een bijstandsorganisatie om u daarbij te helpen. De kosten voor de ondersteuning van de bijstandsorganisatie kunt u betalen met uw budget. 

De contactgegevens van de bijstandsorganisaties vindt u in de adressenlijst

Ik heb een PVB en besteed mijn budget volledig in voucher en ik word tijdens de COVID-19-periode ondersteund bij mijn vergunde zorgaanbieder. Wat moet ik doen?

U hoeft niets te doen. Uw ondersteuning blijft doorlopen zoals opgenomen in uw individuele dienstverleningsovereenkomst.

De vergunde zorgaanbieder mag u geen bijkomende kosten aanrekenen voor de eventuele extra zorg en ondersteuning tijdens de COVID-19-periode.

Vanaf 1 oktober 2020 kan uw individuele dienstverleningsovereenkomst opnieuw gewijzigd worden. U kunt uw IDO opzeggen vanaf 1 juli 2020 (start van de opzegperiode); de IDO kan pas worden beëindigd op 30 september 2020.

Ik heb een PAB of een PVB dat ik in cash besteed. Tijdens de COVID-19-periode heb ik extra overeenkomsten gesloten. Wat moet ik doen?

Elke overeenkomst die u sluit met een zorgaanbieder, moet u aan het VAPH meedelen. Dat doet u door de overeenkomst te registreren bij het VAPH. Registreer uw extra overeenkomsten en vermeld daarbij dat het een overeenkomst is die u sloot in het kader van COVID-19. U kunt dat noteren bij de taakomschrijving.

In het kader van de maatregelen COVID-19 kunnen cashovereenkomsten worden afgesloten waarbij wordt voorzien in het verlenen van zorg en ondersteuning in een een-op-eenrelatie met de persoon met een handicap zoals vermeld in het BVR besteden volgens artikel 7,2°. In de bestedingsregels vindt u een overzicht van de mogelijke overeenkomsten.
Zo zijn onder andere onderstaande overeenkomsten toegelaten:

  • een overeenkomst met een dienst zoals thuiszorg
  • een overeenkomst met een vergunde zorgaanbieder voor:
    • het bieden van zorg en ondersteuning in een een-op-eenrelatie als u met deze vergunde zorgaanbieder nog geen lopende dienstverleningsovereenkomst (IDO) hebt
    • een uitbreiding van uw lopende dienstverleningsovereenkomst (IDO) met uw vergunde zorgaanbieder voor zorg en ondersteuning in een-op-eenrelatie als deze al individuele ondersteuning in een een-op-eenrelatie voorzag
  • een overeenkomst voor alternatieve vervoersoplossingen
  • een overeenkomst voor intensieve bijstand met een bijstandsorganisatie

Als er wijzigen zijn aan bestaande overeenkomsten (bv. als het uurrooster van uw individuele begeleider of persoonlijke assistent wijzigt) door COVID-19, dan moet u voor die extra gepresteerde uren een nieuwe overeenkomst registreren of bezorgen aan het VAPH. U vermeldt in de taakomschrijving dat het een aanpassing is van de overeenkomst in het kader van COVID-19.

COVID-19-overeenkomsten voor extra ondersteuning in de thuissituatie worden aanvaard voor zover ze binnen de periode van 14 maart tot en met 31 december 2020 vallen. Kosten die worden gemaakt op basis van die overeenkomsten kunnen, zoals altijd, worden ingediend tot en met 1 maart 2021.

Hoe registreert u die overeenkomsten?

Na goedkeuring van de overeenkomst kunt u kosten registreren in het kader van de overeenkomst. Wij vergoeden de extra kosten tot maximaal 25,5 % (voor het persoonsvolgend budget is dat inclusief beheerskosten) boven uw jaarbudget.

Ik heb een PVB en besteed mijn budget in cash bij een vergunde zorgaanbieder. Tijdens de COVID-19-periode word ik ondersteund bij mijn vergunde zorgaanbieder. Wat moet ik doen?

U moet de vergoedingsverplichtingen uitvoeren die zijn opgenomen in de individuele dienstverleningsovereenkomst die van toepassing was op de dag voor de aanvang van de COVID-19-periode.

De vergunde zorgaanbieder maakt een factuur op, op basis van de ondersteuning conform de individuele dienstverleningsovereenkomst die van toepassing was op de dag voor de startdatum van de periode COVID-19. U betaalt die factuur van uw budget en registreert ze als gewone cashkosten. De vergunde zorgaanbieder mag u geen bijkomende kosten aanrekenen voor de eventuele extra zorg en ondersteuning tijdens de COVID-19-periode.

Vanaf 1 oktober 2020 kunnen opnieuw extra kosten aangerekend worden wanneer extra zorg en ondersteuning wordt geboden bovenop de ondersteuning zoals vermeld in de IDO.

Ik heb een PVB en besteed mijn budget in cash bij een vergunde zorgaanbieder. Tijdens de COVID-19-periode word ik niet ondersteund bij mijn vergunde zorgaanbieder. Wat moet ik doen?

U moet de vergoedingsverplichtingen uitvoeren die zijn opgenomen in de individuele dienstverleningsovereenkomst die van toepassing was op de dag voor de aanvang van de periode COVID-19.

Ook als uw vergunde zorgaanbieder geen ondersteuning biedt, zal hij een factuur opmaken op basis van de ondersteuning conform de individuele dienstverleningsovereenkomst die van toepassing was op de dag voor de startdatum van de COVID-19-periode. U betaalt de factuur van uw budget en registreert ze als gewone cashkosten.

De vergunde zorgaanbieder van zijn kant moet alles in het werk stellen dat de IDO vanaf 1 oktober 2020 terug wordt uitgevoerd. De budgetgarantie voor de vergunde zorgaanbieder vervalt ook vanaf dan.

Voor de ondersteuning in uw thuissituatie registreert u uw extra overeenkomsten en u vermeldt daarbij dat het een overeenkomst is die u sloot in het kader van COVID-19. U kunt dat noteren bij de taakomschrijving. 

Na goedkeuring van de overeenkomst kunt u kosten registreren in het kader van de overeenkomst. Wij vergoeden de extra kosten tot maximaal 25,5 % (voor het persoonsvolgend budget is dat inclusief beheerskosten) boven uw jaarbudget.

COVID-19-overeenkomsten voor extra ondersteuning in de thuissituatie worden aanvaard voor zover ze binnen de periode van 14 maart tot en met 31 december 2020 vallen.

Ik heb een PVB en besteed mijn budget gedeeltelijk in voucher en cash (niet bij een vergunde zorgaanbieder). Tijdens de COVID-19-periode krijg ik extra ondersteuning bij mijn vergunde zorgaanbieder. Wat moet ik doen?

U hoeft niets te doen. De vergunde zorgaanbieder kan u geen extra kosten aanrekenen voor de eventuele extra ondersteuning tijdens de COVID-19-periode.

Vanaf 1 oktober 2020 kunnen opnieuw extra kosten aangerekend worden wanneer extra zorg en ondersteuning wordt geboden bovenop de ondersteuning zoals vermeld in de IDO.

Ik heb een PVB en besteed mijn budget gedeeltelijk in cash en voucher. Tijdens de COVID-19-periode ga ik extra besteden in cash. Wat moet ik doen?

De individuele dienstverleningsovereenkomst die de inzet van uw voucher regelt, blijft gewoon doorlopen, ook als u geen feitelijke ondersteuning krijgt van de vergunde zorgaanbieder tijdens de COVID-19-periode.

U registreert uw extra overeenkomsten en u vermeldt daarbij dat het een overeenkomst is die u sloot in het kader van COVID-19. U kunt dat noteren bij de taakomschrijving. 

Na goedkeuring van de overeenkomst kunt u kosten registreren in het kader van de overeenkomst. Wij vergoeden de extra kosten tot maximaal 25,5 % (voor het persoonsvolgend budget is dat inclusief beheerskosten) boven uw jaarbudget.