Zich verzorgen

Inrichting van de badkamer

De nodige ruimte in en de inrichting van een badkamer wordt bepaald door de activiteiten die er moeten uitgevoerd worden en de hulpmiddelen/verzorgers die daarbij ingezet worden.

In een badkamer bevinden zich minimaal een wastafel en een bad of douche. Soms is er zowel een douche als een bad en vaak is er ook een toilet in de badkamer. Af en toe staat er ook een wasmachine of een droogkast in de badkamer.

Inrichting van de badkamer

De nodige ruimte in en de inrichting van een badkamer wordt bepaald door de activiteiten die er moeten uitgevoerd worden en de hulpmiddelen/verzorgers die daarbij ingezet worden.

In een badkamer bevinden zich minimaal een wastafel en een bad of douche. Soms is er zowel een douche als een bad en vaak is er ook een toilet in de badkamer. Af en toe staat er ook een wasmachine of een droogkast in de badkamer.

Een bad neemt meer ruimte in dan een douche en is niet optimaal qua toegankelijkheid. Een vlakke douche is veel toegankelijker. Een bad heeft wel als voordeel dat het ontspant en soms pijnverzachting biedt.

Wanneer er weinig ruimte in de badkamer is, of de gebruiker zich moeilijk kan verplaatsen, kan een zwenkbare wastafel geplaatst worden. Die kan de gebruiker naar zich toetrekken, zodat hij zich niet moet verplaatsen. Als de wastafel niet in gebruik is kan ze tegen de wand geplaatst worden.

Een rolstoeltoegankelijk toilet dat geïntegreerd is in de badkamer biedt als voordelen dat de verzorging in één ruimte gecentraliseerd is en dat er minder transfers moeten uitgevoerd worden als er een tiltoestel of een douche-toilet(rol)stoel gebruikt wordt. Vaak is er in een badkamer ook meer circulatieruimte dan in een aparte toiletruimte. Zo kan een inloopdouche gebruikt worden als opstelruimte naast het toilet.

De deur van de badkamer moet naar buiten toe opendraaien. Zo kan er bij problemen steeds iemand binnen.

De minimale oppervlakte die de Vlaamse Maatschappij voor Sociale Woningbouw (VMSW) voorziet voor een aangepaste badkamer met toilet is 215 cm x 215 cm.

Voor een manuele rolstoelgebruiker moet een draaicirkel van 150 cm voorzien zijn, voor een elektronische rolstoelgebruiker moet je 170 cm draaicirkel rekenen.

Wanneer er gemanoeuvreerd moet worden met verrijdbare tilliften, douchestoelen met positioneringstoebehoren, een douchebad ... moet rekening gehouden worden met de ruimte die nodig is. Als een toestel in meerdere ruimtes gebruikt zal worden, moet geprobeerd worden of het mogelijk is het hele traject met het toestel af te leggen. Er moet dan nagegaan worden of er geen obstakels zoals smalle deuren, smalle doorgangen of niveauverschillen zijn die het verplaatsen van het toestel bemoeilijken.

De afvalemmer moet voldoende groot zijn en op een logische plaats staan.

Toiletgerief moet binnen handbereik staan. Een hangkastje of een verrijdbare ladenblok of een beugel met verplaatsbare zeepbakjes kunnen handig zijn.

toiletsteun

Toilesteunen staan haaks op de wand en worden 30 à 40 cm naast de as van het toilet geplaatst.

De plaatsing van de steunen is afhankelijk van de gebruiker. De lichaamsbouw, de transfermethode, de mogelijkheden en beperkingen, maar ook de persoonlijke voorkeur van de gebruiker bepalen de plaats van de steunen.

Als iemand zich optrekt om tot stand te komen, moeten de steunen 20 cm voorbij de punt van het toilet reiken en hoger geplaatst worden om een opwaartse beweging te krijgen.

Een persoon die zich altijd opduwt, heeft dan weer steunen nodig die lager geplaatst zijn, zodat hij tot stand kan komen door de armen naast het lichaam te strekken. In dat geval moeten de steunen niet voorbij de punt van het toilet reiken.

Er zijn verschillende soorten toiletsteunen in de handel verkrijgbaar. Er bestaan vaste en opklapbare toiletsteunen. Bij twijfel of de muur voldoende stevig is voor een veilige bevestiging van de steun, kan een steunpoot voorzien worden. Als bevestiging in de muur niet mogelijk is, kan een steun op statief een oplossing zijn.