Wijziging takenovereenkomsten PAB

Stelt u als budgethouder van een persoonlijke-assistentiebudget een persoonlijke assistent te werk via een arbeidsovereenkomst of takenovereenkomst (sociaal secretariaat)? Dan hebt u recht op extra middelen om het minimumloon van uw persoonlijke assistent te kunnen garanderen (VIA 4-middelen). Hou er rekening mee dat vanaf 1 januari 2022 takenovereenkomsten (dus overeenkomsten met een gezinslid of met een familielid verwant tot de tweede graad) geen recht meer geven op VIA 4-middelen.

Wijziging vanaf 1 januari 2022

In 2021 zult u zowel voor takenovereenkomsten als voor overeenkomsten met individuele begeleiders nog VIA 4-middelen ontvangen. Vanaf 1 januari 2022 zal dat voor takenovereenkomsten niet meer het geval zijn.

2021 wordt een overgangsjaar, waarin u uw huidige overeenkomsten met individuele begeleiders correct kunt registreren. Als bestaande overeenkomsten met individuele begeleiders fout geregistreerd zijn bij het VAPH, kunt u die via het e-loket mijnvaph.be stopzetten en opnieuw registreren onder het juiste type overeenkomst: takenovereenkomst (overeenkomst met een familielid tot de 2e graad) of overeenkomst met een individuele begeleider. 

Verbetering statuut persoonlijke assistenten en individuele begeleiders

In de VIA 4-akkoorden werden een aantal maatregelen ingevoerd om het statuut van de persoonlijke assistent of individuele begeleider te verbeteren.

Als u een persoonlijke assistent of individuele begeleider tewerkstelt via een arbeidsovereenkomst dan moet u aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • minstens het sectoraal minimumloon volgens PC 319.01 betalen, namelijk 11,0646 euro bruto per uur (opgelet: dit bedrag kan geïndexeerd worden)
  • de vergoeding voor verplaatsingen voor woon-werkverkeer van uw assistent betalen volgens PC 319.01
  • de vergoeding voor dienstverplaatsingen (verplaatsingen die de assistent maakt tijdens de werkuren) betalen overeenkomstig PC 319.01 

De bovenstaande voorwaarden gelden niet bij een takenovereenkomst, en om die reden geven ze geen recht op VIA 4-middelen. 

De VIA 4-middelen zijn dus enkel van toepassing op een arbeidsovereenkomst. Alle andere overeenkomsten (takenovereenkomsten, overeenkomsten met interimkantoren …) geven geen recht op VIA 4-middelen.

Opgelet: dienstverplaatsingen kunnen enkel ingebracht worden als kosten binnen het persoonsvolgend budget, niet binnen het persoonlijke-assistentiebudget.

Welke kosten geven recht op VIA 4-middelen?

  • loonfiches van de assistent
  • facturen van het sociaal secretariaat (RSZ, bedrijfsvoorheffing, beheerskosten)
  • creditnota’s, maaltijdcheques, kosten met betrekking tot vakantiegeld en eindejaarspremie, eventuele opzegkosten

Welke kosten geven geen recht op VIA 4-middelen?

  • kosten voor preventie en bescherming op het werk
  • arbeidsongevallenverzekering
  • ecocheques
  • sport- en cultuurcheques
  • cadeaucheques
  • eenmalige premies

Hoe worden VIA 4-middelen uitbetaald?

Het is niet omdat u recht hebt op VIA 4-middelen, dat u ze ook effectief gestort krijgt. De VIA 4-middelen zijn niet jaaroverschrijdend.

Als blijkt dat u binnen uw jaarbudget gebleven bent, worden er geen VIA 4-middelen gestort. Kosten die u registreert boven het jaarbudget en die recht geven op VIA 4-middelen, worden onmiddellijk uitbetaald.

Via mijnvaph.be kunt u uw totale budget inclusief de VIA 4-middelen raadplegen. Het totale bedrag getoond op de budgetlijn, is dus inclusief uw recht op VIA 4-middelen.

Naarmate u kosten registreert die recht geven op VIA 4-middelen, zal het totale bedrag van uw budgetlijn verhogen.

Het resterende bedrag dat zichtbaar is op uw budgetlijn, is het maximumbedrag dat u nog aan kosten kunt registreren.

U kunt maximum 7 % aan VIA 4-middelen ontvangen en gebruiken voor kosten binnen uw jaarbudget. Kosten boven het jaarbudget en de VIA 4-middelen, moet u met eigen middelen bijpassen op uw PAB-rekening.

Lees meer over VIA 4-middelen

Lees alle nieuwsberichten