Objectivering van de handicap

In module A objectiveert u de handicap.

Objectivering van de ondersteuningsnood

In module B objectiveert u de ondersteuningsnood.

Checklist prioritering

In module C bepaalt u de prioriteitengroep via de checklist prioritering.

Stap 1: methode van objectivering bepalen

Om module B van het multidisciplinair verslag op te kunnen maken, moet u eerst nagaan welke methode van objectivering nodig is om de ondersteuningsnood van de persoon in kaart te brengen. Er zijn twee manieren om de nood aan ondersteuning te objectiveren:

Welke methode u moet volgen, is afhankelijk van:

  • de vraag van de persoon met handicap
  • het totaalgewicht van de vraag

In infonota 1607 opent dialoogvenster vindt u meer informatie over de bepaling van de methode van objectivering. Via een exceltoolopent dialoogvenster kunt u de methode van objectivering automatisch bepalen.

Stap 1a: Ondersteuningsvraag van de persoon met een handicap analyseren

De ondersteuningsvraag die de persoon met een handicap stelt in het ondersteuningsplan persoonsvolgend budget, bepaalt mee welke methode van objectivering u moet gebruiken. Die vraag wordt uitgedrukt in ondersteuningsfuncties en bijhorende frequenties.

Van zodra een van onderstaande ondersteuningsfuncties (met bijhorende frequentie) wordt gevraagd, moet u bij de objectivering van de ondersteuningsnood een ZZI afnemen:

  • oproepbare permanentie
  • woonondersteuning (onafhankelijk van frequentie)
  • dagondersteuning, als u van oordeel bent dat de zorgzwaarte dermate groot is dat die een impact heeft op de ondersteuningsnood
  • praktische hulp (vanaf 26 u per week)
  • globale individuele ondersteuning (vanaf 15 u per week)

Er wordt geen rekening gehouden met overige ondersteuningsfuncties en frequenties die bijkomend worden aangevraagd.

Wanneer een van onderstaande ondersteuningsfuncties (met bijhorende frequentie) wordt gevraagd, kan er mogelijks met een beschrijving gewerkt worden:

  • dagondersteuning, als u van oordeel bent dat de zorgzwaarte geen impact heeft op de nood aan ondersteuning
  • praktische hulp (minder dan 26 u per week)
  • globale individuele ondersteuning (minder dan 15 u per week)
  • psychosociale begeleiding

Om te bepalen of een beschrijving in bovenstaande gevallen wel degelijk volstaat, moet u het totaalgewicht van de vraag bepalen.

Stap 1b: Totaalgewicht van de vraag bepalen

Het totaalgewicht van de vraag wordt bepaald door de gevraagde frequentie van een bepaalde ondersteuningsfunctie (in het ondersteuningsplan PVB) te vermenigvuldigen met het gewicht dat aan die ondersteuningsfunctie wordt toegekend. Zo bekomt u een score per ondersteuningsfunctie. Als er meerdere ondersteuningsfuncties gevraagd worden, worden de scores per ondersteuningsfunctie opgeteld om het totaalgewicht van de vraag te bepalen. Onderstaande tabel biedt een overzicht van de verschillende gewichten die bij elke ondersteuningsfunctie horen.

Gewicht van de ondersteuningsfuncties
Globale ondersteuningsfuncties Basisgewicht (min B3/P3) B3/P5 B4/P4 B4/P5 B5/P4

P4/P6 B6/P5

B5/P6

B5/P7 B6/P5

B6/P6 B6/P7
dagondersteuningopent dialoogvenster 1,80 2,00 2,20 2,40 2,70 2,80 3,60 3,60 4,10 4,10
woonondersteuningopent dialoogvenster 1,80 2,10 2,70 3,00 4,00 4,50 4,70 5,10 5,10 5,60
Individuele ondersteuningsfuncties Gewicht per uur
individuele psychosociale begeleidingopent dialoogvenster 2
individuele praktische hulpopent dialoogvenster 0,75
globale individuele ondersteuningopent dialoogvenster 1,4
Permanentie Gewicht
oproepbare permanentieopent dialoogvenster 4,5

Voor de individuele ondersteuningsfuncties (psychosociale begeleiding, praktische hulp en globale individuele ondersteuning) en oproepbare permanentie zijn er basisgewichten voorzien. Voor de globale ondersteuningsfuncties (dagondersteuning en woonondersteuning) zijn er naast de basisgewichten ook hogere gewichten opgenomen voor bepaalde zorgzwaarte-profielen.

Op basis van het totaalgewicht van de vraag kan afgeleid worden of de methode van objectivering die op basis van de vraag van de persoon gebruikt zou moeten worden, ook de juiste methode is. Met andere woorden: volstaat een beschrijving, of is er omwille van het totaalgewicht van de vraag toch een ZZI-afname nodig? Dat kan afgelezen worden in onderstaande tabel.

Budgetcategorieën, gewichten, zorgzwaarte en vereiste objectivering
Budgetcategorie Vereist gewicht Vereiste zorgzwaarte Vereiste objectivering
I 2 - 5,9 geen indicatie van de zorgzwaarte vereist beschrijvende informatie, eventueel onderbouwd met schalen en attesten
II 6 - 8,9 geen indicatie van de zorgzwaarte vereist beschrijvende informatie, eventueel onderbouwd met schalen en attesten
III 9 - 13 geen indicatie van de zorgzwaarte vereist beschrijvende informatie, eventueel onderbouwd met schalen en attesten
IV 13,1 - 19,1 geen indicatie van de zorgzwaarte vereist beschrijvende informatie, eventueel onderbouwd met schalen en attesten
V 20 - 25,4 B3/P3 - B3/P4 - B4/P3 ZZI
VI 25,5 - 29,9 B3/P5 ZZI
VII 30 - 34,3 B4/P4 ZZI
VIII 34,4 - 39,4 B4/P5 ZZI
IX 39,5 - 50 B5/P4 ZZI
X 50,1 - 60 B4/P6 - B5/P5 - B5/P6 ZZI
XI 60,1 - 65 B5/P7 - B6/P5 - B6/P6 ZZI
XII > 65 B6/P7 ZZI

Als het totaalgewicht van de vraag in het ondersteuningsplan-PVB gelijk is aan 20 of meer (vanaf budgetcategorie V), dan moet de ondersteuningsnood alsnog met het ZZI geobjectiveerd te worden.

Belangrijk!

De hogere gewichten in de eerste tabel worden in een latere stap bij de objectivering van de ondersteuningsnood gebruikt om de gevraagde budgetcategorie te berekenen. Als blijkt dat de persoon na afname van het ZZI in een hoger zorgzwaarte-profiel (B-/P-waarde) terechtkomt, worden de hogere gewichten gebruikt bij de bepaling van de gevraagde budgetcategorie. Als ervan uitgegaan wordt dat een beschrijving volstaat om de ondersteuningsnood te objectiveren, worden steeds de basisgewichten gebruikt.

Voorbeeld

Een persoon vraag 7 dagen dagondersteuning en 7 nachten woonondersteuning in het ondersteuningsplan PVB. Wanneer de basisgewichten worden toegepast, wordt er een gevraagde budgetcategorie van V berekend. Dat is echter niet de definitief gevraagde budgetcategorie, aangezien die afhankelijk is van de objectivering van de ondersteuningsnood! Wanneer na de ZZI-afname blijkt dat het zorgzwaarteprofiel van de persoon hoger ligt dan B3/P3, zal de gevraagde budgetcategorie herberekend worden op basis van de hogere gewichten in de tabel.

 

Documenten

Excel-tool: bepalen van de wijze van objectivering ondersteuningsnood - 2016