Subsidiëring

Bijstandsorganisaties ontvangen voor hun collectieve opdracht een forfaitair bedrag van 236 euro per lid. Een budgethouder die zich bij meerdere bijstandsorganisaties aansluit, genereert enkel een subsidie voor de bijstandsorganisatie waarbij hij zich het eerst heeft aangesloten.

Die subsidie wordt berekend op basis van het aantal leden op 1 januari van het subsidiejaar en jaarlijks voor 1 april van datzelfde jaar uitbetaald. 75% van die subsidies moeten besteed worden aan personeelskosten.

De bijstandsorganisatie rekent voor elk lid 50 euro lidgeld aan. Voor het aanbieden van hoogdrempelige bijstand wordt een bedrag per sessie aangerekend aan de budgethouder. De bijstandsorganisatie bepaalt de hoogte van dat bedrag. 

Het aandeel personele middelen van de subsidie wordt geïndexeerd.

Gratis bijstand

Nieuwe budgethouders PAB en PVB met een toekenning of terbeschikkingstelling vanaf 1 mei 2021 kunnen beroep doen op gratis lidmaatschap en gratis bijstand gedurende het eerste jaar bij een bijstandsorganisatie naar keuze. 

Onder nieuwe budgethouders wordt verstaan budgethouders die voor het eerst een PAB toegekend krijgen of voor het eerst een PVB ter beschikking gesteld krijgen zonder dat er voorafgaand een PAB of PVB werd toegekend. Er wordt geen rekening gehouden met een eerdere terbeschikkingsstelling van een tijdelijk PVB noodsituatie. Om beroep te kunnen doen op deze gratis bijstand moet een budgethouder zich binnen het jaar na de toekenning van het PAB of de terbeschikkingstelling van het PVB aansluiten bij een bijstandsorganisatie.

Gratis bijstand heeft als doel om het PVB of het PAB tijdig, correct en gericht op te starten volgens een methodiek die in samenspraak met het VAPH wordt vastgesteld.

De gekozen bijstandsorganisatie ontvangt een forfaitair bedrag van 800 euro, bestaande uit 50 euro lidgeld en 750 euro voor bijstand (gemiddeld 2,5 sessies bijstand). Een budgethouder die zich bij meerdere bijstandsorganisaties aansluit, genereert enkel een subsidie voor de bijstandsorganisatie waarbij hij zich het eerst heeft aangesloten. Wanneer een budgethouder tijdens het eerste jaar overstapt naar een andere bijstandsorganisatie, maken deze organisaties onderling afspraken omtrent het subsidiebedrag.

Die subsidies worden op kwartaalbasis berekend en voor het einde van de tweede maand volgend op een afgelopen kwartaal uitbetaald.

De bijstandsorganisaties verantwoorden de inzet van de subsidies voor gratis bijstand in het jaarverslag. Het jaarverslag moet voor 1 maart volgend op een subsidiejaar ingediend worden.