Persoonsvolgend budget [PVB]

Hoe wordt uw aanvraag beoordeeld en beslist?

De Vlaamse toeleidingscommissie (VTC)opent dialoogvenster beslist over uw erkenning als persoon met een handicap (als u nog niet erkend bent door het VAPH) en over de prioriteit van uw vraag. Meer informatie over de werking van de Vlaamse toeleidingscommissie kunt u vinden op de pagina Vlaamse toeleidingscommissie.

Vervolgens ontvangt u een brief met een beslissing over:

  • uw erkenning als persoon met een handicap
  • uw budgetcategorie en uw B- en P-waarde
  • uw prioriteitengroep
  • uw prioriteringsdatum

Uw erkenning als persoon met een handicap

De Vlaamse toeleidingscommissie oordeelt over uw erkenning als persoon met een handicap. De commissie baseert zich voor de beslissing hoofdzakelijk op de gegevens die worden aangeleverd door het multidisciplinair team (MDT)opent dialoogvenster. Bij de beoordeling steunt de commissie op de definitie handicapopent dialoogvenster.

Uw budgetcategorie en uw B- en P-waarde

Uw budgetcategorie wordt bepaald, rekening houdend met volgende gegevens:

  • de vraag die u stelde aan het VAPH via het ondersteuningsplan persoonsvolgend budget (OP PVB), die wordt uitgedrukt in ondersteuningsfuncties en -frequenties
    De ondersteuningsfuncties zijn: woonon­dersteuning, dagondersteuning, individuele psychosociale begeleiding, individuele praktische hulp, globale individuele ondersteuning en oproepbare permanentie.
  • het onderzoek naar de hoeveelheid zorg en ondersteuning die u nodig hebt
    Dat onderzoek wordt uitgevoerd door uw multidisciplinair team (MDT). Zij hebben dat gedaan door het zorgzwaarte-instrument (ZZI)opent dialoogvenster af te nemen. Dat instrument bepaalt uw behoefte aan begeleiding en permanentie: de B-waarde en de P-waarde. De B-waarde geeft aan hoeveel begeleiding u nodig hebt. De P-waarde geeft aan hoeveel permanentie of toezicht van anderen u nodig hebt. 

Uw budgetcategorie is het resultaat van uw vraag in het ondersteuningsplan persoonsvolgend budget (OP PVB) en uw B- en P-waarde uit het zorgzwaarte-instrument (ZZI).

Uw prioriteitengroep

De Vlaamse toeleidingscommissie beslist in welke prioriteitengroep uw vraag terechtkomt. Er zijn drie prioriteitengroepen: in prioriteitengroep 1 worden de meest dringende vragen ingedeeld, in prioriteitengroep 3 de minst dringende. De commissie baseert zich voor de beslissing hoofdzakelijk op de gegevens die worden aangeleverd door het multidisciplinaire team (MDT). In het ondersteuningsplan persoonsvolgend budget worden ook een aantal vragen gesteld over de dringendheid van uw vraag die u of uw wettelijke vertegenwoordiger optioneel kan beantwoorden. Ook die gegevens worden bezorgd aan de Vlaamse toeleidingscommissie.

De Vlaamse toeleidingscommissie neemt een beslissing over de prioriteitengroep op basis van de noodzaak tot onmiddellijke terbeschikkingstelling van een persoonsvolgend budget of de mate waarin dit budget een einde kan maken aan een situatie die onhoudbaar is. Bij de beoordeling steunt de commissie op volgende criteria:

  • In welke mate heeft het uitblijven van een terbeschikkingstelling van een persoonsvolgend budget een impact op het netwerk van de persoon met een handicap? 
    • Is er een overschrijding van de draagkracht van het netwerk? 
    • Wordt er bovengebruikelijke zorg geboden door het netwerk?
    • Is er een risico op een schending van de integriteit van het netwerk?
    • Is er sprake van een daling van de levenskwaliteit van het netwerk?
  • In welke mate heeft het uitblijven van een terbeschikkingstelling van een persoonsvolgend budget een impact op het functioneren van de persoon met een handicap?
    • Is er een risico op een schending van de integriteit van de persoon?
    • Is er sprake van een daling van de levenskwaliteit van de persoon?
    • Is er sprake van een daling van ontplooiingskansen van de persoon?
  • In welke mate is er een kloof tussen de ondersteuning die de persoon met handicap nodig heeft en de ondersteuning die de persoon krijgt?
    • Is er sprake van grote en/of intensieve ondersteuningsnoden?
    • Is de huidige ondersteuning onvoldoende of onaangepast?
    • Is er een mogelijkheid tot ondersteuning van reguliere diensten of rechtstreeks toegankelijke hulp (RTH)?
    • Is er een terbeschikkingstelling van een gedeeltelijk persoonsvolgend budget (PVB)?

Na het beslissingsproces wordt uw vraag ingedeeld in een van de drie prioriteitengroepen:

  • prioriteitengroep 1 (meest dringende vragen)
  • prioriteitengroep 2
  • prioriteitengroep 3 (minst dringende vragen)

Hebt u er bij de opmaak van het ondersteuningsplan persoonsvolgend budget (OP PVB) voor gekozen om uw vraag op te splitsen, dan oordeelt de Vlaamse toeleidingscommissie over de prioriteitengroep van uw volledige vraag en de prioriteitengroep van uw meer dringende vraag. Het is daarbij mogelijk dat uw meer dringende vraag in een hogere prioriteitengroep wordt ingedeeld dan uw volledige vraag. 

Uw prioriteringsdatum

Uw prioriteringsdatum is de datum waarop uw vraag gerangschikt wordt in de prioriteitengroep. Die datum wordt bepaald op basis van de indiendatum van het ‘ondersteuningsplan persoonsvolgend budget’. Het is mogelijk dat uw prioriteringsdatum verschuift naar een latere datum wanneer uw aanvraag niet tijdig vervolledigd wordt.

Als uw vraag al eerder werd ingedeeld in een prioriteitengroep en u nu een herziening vraagt, verandert uw prioriteringsdatum naar de datum waarop u de herziening hebt aangevraagd. Als uw vraag na de herziening opnieuw in dezelfde prioriteitengroep wordt ingedeeld, mag u wel uw oorspronkelijke prioriteringsdatum behouden.