Checklist prioritering

In module C bepaalt u de prioriteitengroep via de checklist prioritering.

Vaststelling ondersteuningsbehoeften in kader van IMB

In module D bepaalt u de nood aan hulpmiddelen en aanpassingen.

Procedure artikel 16

Op 1 juli 2019 werd het besluit van de Vlaamse Regering voor IMB aangepast. De betekenis van artikel 16 is op dat moment veranderd.

Voor aanvragen ingediend voor 1 juli 2019, geldt: 

De procedure uit artikel 16 van het IMB-besluit voorziet in de mogelijkheid om een hulpmiddel of aanpassing uit de refertelijst toe te kennen aan iemand die daarvoor niet het interventieniveau of de juiste functiebeperking kreeg van de provinciale evaluatiecommissie (PEC) maar wel overtuigend kon motiveren waarom dat hulpmiddel door de behoefte die voortvloeit uit de handicap, noodzakelijk is voor zijn sociale integratie (artikel 16 van het IMB-besluit).

Deze uitzonderingsprocedure is bovendien ook van toepassing voor personen die van de provinciale evaluatiecommissie (PEC) of de heroverwegingscommissie (HOC) geen enkele functiebeperking of interventieniveau kregen toegekend.

Deze maatregel hoeft niet specifiek aangevraagd te worden via een speciale procedure. Wanneer iemand een hulpmiddel aanvraagt waarvoor het juiste interventieniveau en/of de juiste functiebeperking nog niet werd toegekend, zal de aanvraag altijd eerst aan de provinciale evaluatiecommissie (PEC) voorgelegd worden.

Deze procedure doet zich voor in een aantal specifieke situaties. Hieronder worden een aantal voorbeelden opgelijst.

Hoog-laagverzorgingsbed/bed-in-bedsysteem

De referterubriek ‘hoog-laagverzorgingsbed/bed-in-bedsysteem is enkel terug te vinden in de refertelijst onder vervanging onderste ledematen. Die referterubriek kan mogelijk ook noodzakelijk zijn voor personen met een ander interventieniveau of andere functiebeperkingen maar de extra doelgroepen zijn moeilijk af te lijnen. Er moet wel altijd aangetoond zijn dat verzorging in bed noodzakelijk is en dat de persoon met de hoog-laagverstelling transfers kan uitvoeren. Deze elementen moeten in verhouding staan met andere hulpmiddelen en aanpassingen. De hulpmiddelenfiches vermelden enkele ruimere doelgroepen die mogelijk in aanmerking kunnen komen.

Onderhoud, herstel en aanpassingen [O/H/A] van een rolstoel

Aanvragen voor onderhoud, herstel en aanpassingen van een rolstoel voor personen met reuma, osteoporose, niet-gestabiliseerde handicaps en evolutieve aandoeningen, waarvoor geen aanvulling onderste ledematen werden toegekend, moeten aan de administratie voorgelegd worden.

Voor aanvragen ingediend vanaf 1 juli 2019, geldt: 

De procedure uit artikel 16 van het IMB-besluit voorziet in de mogelijkheid om een hulpmiddel of aanpassing uit de refertelijst toe te kennen aan iemand wiens situatie niet overeenkomt met de doelgroep van de hulpmiddelenfiche van dat hulpmiddel, maar wel overtuigend kon motiveren waarom dat hulpmiddel door de behoefte die voortvloeit uit de handicap, noodzakelijk is voor zijn sociale integratie. Dat betekent dat men in uitzonderlijke situaties kan afwijken van zowel de algemene doelgroep die de beperking van de persoon beschrijft, als de bijkomende voorwaarden onder deze algemene doelgroep in de hulpmiddelenfiche. De noodzaak, doelmatigheid, werkzaamheid en gebruiksfrequentie moeten uiteraard wel steeds aangetoond zijn en in verhouding met de gevraagde bijstand. 

Deze maatregel moet niet specifiek aangevraagd worden via een speciale procedure. Het MDT kan wel bij de aanvraag in module D aangeven dat de situatie van een persoon niet overeenkomt met de doelgroep in de hulpmiddelenfiche en vervolgens de noodzaak, werkzaamheid en gebruiksfrequentie van het hulpmiddel motiveren.

Door dergelijke uitzonderingssituaties te inventariseren, kunnen op termijn refertelijstaanpassingen worden doorgevoerd die deze procedure vermijden.