Checklist prioritering

In module C bepaalt u de prioriteitengroep via de checklist prioritering.

Vaststelling ondersteuningsbehoeften in kader van IMB

In module D bepaalt u de nood aan hulpmiddelen en aanpassingen.

Wat is module D?

In module D van het multidisciplinair verslag beschrijft u de ondersteuningsbehoeften op het vlak van hulpmiddelen en aanpassingen (IMB) en motiveert u de goedkoopst-adequate oplossing op basis van een persoonlijk advies volgens de methode voor persoonlijke adviesverlening van het Kenniscentrum Hulpmiddelen (KOC).

Opleiding methode voor persoonlijke adviesverlening

Het KOC organiseert jaarlijks een opleiding voor MDT-medewerkers over de methode voor persoonlijke adviesverlening.

Het adviesrapport bevat:

  • administratieve gegevens over de betrokkene en het MDT
  • een globaal beeld van de beperkingen die belangrijk zijn om te oordelen over de vraag voor hulpmiddelen of aanpassingen
  • een of meerdere motivatieverslagen
  • een of meerdere bijlagen waaronder een offerte of factuur, testverslagen , verslagen van huisbezoek, film- en fotomateriaal, …
  • een tabblad integrale jeugdhulp (IJH) enkel in te vullen voor dossiers van minderjarigen. Meer informatie over het al dan niet invullen van het tabblad IJH vindt u in infonota 1405opent dialoogvenster.

In een motivatieverslag toont u aan dat de gevraagde ondersteuning de goedkoopst-adequate oplossing is aan de hand van:

  • de probleemactiviteit(en), aangevraagde hulpmiddel of aanpassing, type aanvraag (referteklasse, niet-referte, zeer uitzonderlijke zorgbehoefte)
  • de probleemstelling met een omschrijving van het precieze probleem, de mogelijkheden en beperkingen van de betrokkene en de reeds gebruikte hulpmiddelen in relatie tot die activiteit
  • de functionele en technische eisen waaraan de oplossing moet voldoen
  • een omschrijving van de aangevraagde oplossing met verwijzing naar een testverslag, brochure of plan in bijlage
  • overwogen maar niet-gekozen alternatieven aangevuld met de reden waarom ze niet voldoen met verwijzing naar een testverslag in bijlage
  • de motivatie voor de hulpmiddelen waarvoor de bijzondere bijstandscommissie (BBC)opent dialoogvenster een beslissing moet nemen (zeer uitzonderlijke zorgbehoefteopent dialoogvenster, hulpmiddelen buiten de refertelijst) aangevuld met een verwijzing naar een offerte of factuur als bijlage.

De items op de offerte komen overeen met de aangevraagde, omschreven en gemotiveerde items in het adviesrapport.

Uit het adviesrapport en de offerte is duidelijk wat elk item precies is, waarvoor het dient en waarom het voor betrokkene noodzakelijk is.

Houd rekening met volgende tips:

  • Vermijd tegenstrijdige informatie.
  • Gebruik de hulpmiddelenfiches en de hulpmiddelendatabank om na te gaan welke hulpmiddelen met een referteklasse bedoeld worden en voor wie die hulpmiddelen bestemd zijn.
  • Voeg bij woningaanpassingen een plan met maatvoering toe. Voeg testverslagen en foto- en filmmateriaal toe als dat bijdraagt tot de begrijpbaarheid van de gegeven motivatie.
  • Vraag ondersteuning aan het KOC bij problemen met adviesverlening of rapportering.
  • Volg de richtlijnen van het VAPH (bijvoorbeeld BVR 13 juli 2001, art 16, goedkoopst adequaat, multifunctionele hulpmiddelen …)

Globaal beeld

De ondersteuningsbehoeftes worden in het luik 'globaal beeld' geobjectiveerd. Op basis van die gegevens moet er een uitspraak kunnen gedaan worden over het interventieniveau en de functiebeperking. Momenteel is dat een vrij tekstveld.

Wanneer u voor de vervollediging van de documentatie van de aanvraag een uitgebreide module D moet aanleveren, moet daarin volgende info terug te vinden zijn: informatie omtrent participatieproblemen vanuit verschillende invalshoeken en moeilijkheden of beperkingen op de verschillende levensdomeinen, te linken aan de handicap waarvoor de ondersteuning wordt aangevraagd. Daarvoor kan het MDT zich laten inspireren door de Module B (beschrijvende module) in kader van een vraag naar persoonsvolgend budget.

In zoverre dat het relevant is voor de individuele situatie van de persoon voor wie het dossier wordt ingediend, geeft het team info over:

  • communicatie: stotteren, apraxie, afasie, problemen met de stem, beperkt taalbegrip, woordvindingsmoeilijkheden, beperkte woordenschat, gebruik SMOG, en de mogelijke invloed op relaties: zelfredzaamheid hygiëne, huishouden, boodschappen, voeding, administratie, financiën, dagbesteding en mentale functies
  • mobiliteit: binnenshuis/buitenshuis, trappen, transfers, vervoer
  • deelname aan het maatschappelijk leven: daarmee worden onder andere tussenmenselijke relaties bedoeld en het verder sociaal functioneren en deelnemen aan de maatschappij. Met andere woorden: externe factoren: (aangepaste) woning, sociaal netwerk, vrijetijdsbesteding, gebruik hulpmiddelen en persoonlijke factoren: interesse, leeftijd, persoonlijkheid, vaardigheden, algemene lichamelijke conditie, levensstijl en leefgewoonten, (zelf)redzaamheid)

Indien niet relevant, hoeft u de informatie niet te beschrijven. U moet ook zoveel mogelijk oog hebben voor wat goed verloopt en wat minder goed verloopt. Beide aspecten moeten duidelijk worden uit de beschrijvingen in 'globaal beeld'.

Belangrijk

Als het een vraag incontinentiemateriaal, rolstoel, duwwagen of buggy of doventolk betreft, dan moet u enkel het 'globaal beeld' volgens bovenstaande stappen aan te vullen; het 'hulpmiddel-luik' binnen het adviesrapport moet u niet (of minimaal) aanvullen. Wel moet u de bijkomende documenten (attest inco, RIZIV-bundel en audiogram) toevoegen.

Geen adviesrapport nodig

In de volgende situaties is voor een aanvraag voor hulpmiddelen geen adviesrapport (module D) noodzakelijk:

  • De aanvrager kreeg in het verleden al een goedkeuring voor het hulpmiddel of de aanpassing, maar vraagt het opnieuw aan omdat de refertetermijn verstreken is. Zo’n aanvraag kan ingediend worden aan de hand van het formulier Vereenvoudigde aanvraag van hulpmiddelen en aanpassingenopent dialoogvenster . Dat formulier kan de persoon die ondersteuning nodig heeft of zijn wettelijk vertegenwoordiger zelf invullen. Als de persoon gebruikmaakt van dat formulier, is het niet nodig een algemeen formulier Aanvraag hulpmiddelen en aanpassingenopent dialoogvenster in te vullen.
  • De aanvrager vraagt enkel een tegemoetkoming voor onderhoud en herstel van een hulpmiddel waarvoor al een goedkeuring werd verleend.
  • De aanvrager heeft in het verleden al een tegemoetkoming gekregen voor een hulpmiddel of aanpassing van het VAPH en vraagt nu enkel eenvoudige hulpmiddelen met een refertebedrag tot 375 euro (niet-geïndexeerd bedrag). Die hulpmiddelen zijn aangeduid met een asterisk (*) in de refertelijst. In die situatie is niet langer een adviesrapport (module D) nodig, een gemotiveerde aanvraag door de persoon die ondersteuning nodig heeft of zijn wettelijk vertegenwoordiger volstaat. Dat gebeurt bij voorkeur aan de hand van het formulier ‘Vereenvoudigde aanvraag van hulpmiddelen en aanpassingen’. Als de persoon gebruikmaakt van dat formulier, is het niet nodig een algemeen aanvraagformulier hulpmiddelen en aanpassingen (voorheen A.001) in te vullen.